interne diergeneeskunde
De interne diergeneeskunde is een breed begrip en omvat inwendige ziektes van organen als de maag, darmen, lever, nieren, blaas, baarmoeder, hart, longen, maar ook stofwisselingsziektes, suikerziekte, enzovoort. Veel van deze ziektes kunnen we zelf behandelen en verder onderzoek (bloed- en urine onderzoek, röntgenonderzoek) naar doen.
Veel acute braak- en diarreeproblemen kunnen we oplossen met klinisch onderzoek en medicijnen. Soms maken we een röntgenfoto van de buik of doen we ontlastingonderzoek. Of is een bloedonderzoek geïndiceerd. Een enkele keer verwijzen we uw huisdier door naar een specialist voor een echografie van de buik of een endoscopie van het maagdarmkanaal.
Als een van de dierenartsen uw huisdier van een lever- en/of nierproblemen verdenkt, kunnen de klachten vaag en divers zijn. Meestal sporen we deze inwendige problemen met urine- en/of bloedonderzoek op. Maar soms kan een echografie van de buik nodig zijn.
Een blaasontsteking komt veel voor bij katten en honden. U merkt dan bijvoorbeeld dat uw huisdier vaak kleine beetjes plast, perst op de urine en soms kunt u zelfs bloed in de urine waarnemen. Vaak speelt blaasgruis een grote rol. Het is dus van groot belang om urineonderzoek te doen als de dierenarts uw huisdier van een blaasontsteking verdenkt. Maar soms besluiten we om ook een röntgenfoto of een echografie van de blaas te laten maken.
Als uw huisdier een slechtere conditie krijgt, hoest of snel moe is, kan dat bijvoorbeeld op een probleem aan longen en/of hart wijzen. De dierenarts luistert in de eerste instantie goed naar het hart en de longen, maar kan ook besluiten verder onderzoek te doen middels een röntgenfoto van de borstholte, een echografie van het hart of een ecg (hartfilmpje).
Een veel voorkomende klacht van een inwendig probleem is bijvoorbeeld veel drinken en veel (soms zelfs in huis) plassen. Dit kan uiteenlopende oorzaken hebben, van een nierprobleem tot baarmoederontsteking.
Een andere vaak voorkomende klacht is veel eten en toch afvallen. Dit kunnen ook weer verschillende ziektes zijn: van een te snel werkende schildklier tot suikerziekte. Het is in deze gevallen altijd verstandig om contact op te nemen met onze kliniek en een afspraak te maken. Waarschijnlijk zal de dierenarts willen weten hoeveel uw dier drinkt (meet het alvast 2 x 24 uur op!) en neemt u voor de zekerheid een plasje mee.



