Het ontstaan van blaasgruis begint met de vorming van kristallen in de urine. Kristallen vormen zich als er voldoende kristalvormende bestanddelen in de urine aanwezig zijn. De kristallen kunnen zich vasthechten aan organisch materiaal in de urine, zodat er structuren ontstaan die op den duur kunnen uitgroeien tot stenen.
De meest voorkomende soort blaasgruis bij katten is de struviet. Struviet is opgebouwd uit de mineralen magnesium, ammonium en fosfaat. Een andere, regelmatig voorkomende soort is calciumoxalaat. Urine-onderzoek zal moeten uitwijzen welke soort gruis er aanwezig is.
Blaasgruis ontstaat dus wanneer bepaalde mineralen uit de voeding in de urine uitkristalliseren. Dit treedt eerder op bij voeding die deze mineralen in voor uw kat te hoge hoeveelheden bevat. De zuurgraad (pH) van de urine, welke per kat kan variëren, is ook bepalend voor het optreden van gruisvorming. Daarnaast kunnen bacteriën de zuurgraad van de urine beïnvloeden. Verder is het drinkgedrag van uw kat (te weinig drinken) van invloed op het ontstaan van blaasgruis. Overgewicht en te weinig lichaamsbeweging zijn andere factoren die een rol spelen.
Zowel katers als poezen kunnen een blaasontsteking en/of blaasgruis krijgen. Maar katers hebben door hun nauwere plasbuis daarnaast het risico om ′′verstopt′′ te raken, waardoor zij niet meer kunnen plassen. Als u dat merkt, moet u direct contact opnemen met de kliniek, dit is namelijk een spoedgeval dat soms zelfs tot de dood kan leiden.